Niet aan de verwachtingen voldoen
dat wordt mijn levensdoel, heb ik vannacht besloten.
Vanaf vandaag ga ik mijn uiterste best doen iedereen teleur te stellen.
Dus als over twintig jaar iemand aan mijn vader vraagt:
'Goh, hoe is het toch met uw zoon? Het was altijd zo'n slimme, muzikale jongen; we horen nooit meer iets van hem…', dan antwoordt mijn pa:
'Mijn zoon werkt bij de gemeentereiniging.'
Of:
'Boudewijn? Die zit nog steeds in het gesticht.'
En als die persoon dan verschrikt z'n hand voor zijn mond slaat, hoop ik dat mijn vader eraan toevoegt:
'En hij heeft het daar erg naar zijn zin.'
Een paar jaar na het overlijden van zijn moeder wordt de 16-jarige Boudewijn 'ziek'. Hij is totaal apathisch en komt zijn bed niet meer uit. Zijn vader stelt hem voor de keuze: 'Vanaf nu schrijf je elke dag een stukje in dit schrift en je luistert elke dag naar tenminste één van deze cd's. Of ik laat je opnemen.'
Bou begint met forse tegenzin aan zijn 'strafwerk', maar gaandeweg blijkt zowel het schrijven als de muziek een uitlaatklep.